Ik weet niet exact waar de theorie vandaan komt, maar het idee dat we allemaal voor een deel uit sterrenstf zouden bestaan, was me vroeger zeer genegen. Ik vond het een grote troost te weten dat mijn lichaam ooit nog zou worden gebruuikt om andere lichamen mee op te bouwen of dat er moleculen van mijn al dan niet edele delen door de ruimte zouden vliegen.
Ik groette de doden weleens door mijn blik naar het heelal te richten.
Het was ook een hele troost om bij elk sterfgeval waar ons gezin mee werd geconfronteerd, te kunnen zeggen dat de overledene nu een soort sterretje aan de hemel is. Het is geen echte leugen want, zo vergoelijkten mijn vrouw en ik onze wat kromme redenering, ergens in de ruimte zweeft er immers nog wel één of ander atoom van de dode persoon of van het overleden dier rond.
Elk jaar in augustus lagen mijn dochter en ik 's nachts op de nog warme terrasstenen achteraan ons huis. Naast elkaar. En we telden de vallende sterren. Meestal won zij.
Naarmate de jaren vorderden, veranderden onze conversaties. Ze bleef weliswaar steeds meer vallende sterren tellen dan ik. Die augustusnachten werden synoniem met lange vader-dochtergesprekken. We herdachten onze doden en voelden ons intens met elkaar en met hen verbonden. En toen ook zij een sterretje aan de hemel werd, was die verbintenis nog even sterk. Maar hoeveel troost ik ook putte uit deze wetenschap, de gesprekken waren weg en bleven weg. En mijn dochter kwam niet meer terug.
De sterrenstof-theorie heeft me toen getroost. Maar wie er eventjes over doorboomt, merkt dat de theorie verre van romantisch is. Want als het inderdaad zo is dat wij voor een deel uit (sterren)stof bestaan en tot (sterren)stof zullen weerkeren, dan betekent het ook dat wij restatnen van Hitler, Moboetoe, Haider en andere Amin Dada's opsnuiven. En dat idee is natuurlijk heel wat minder romantisch. Het is zelfs ronduit walgelijk. Laat ons zeggen dat ik het zelfs nu op mijn oude dag liever hou op illegale middelen dat dat ik ooit een atoompje oorlogsmisdadiger door mijn neus moet snuiven. Sterrenstof of niet. Die hele Peter Pan romantiek kan me worst wezen.
Maar mijn tijd is gekomen. Ik ben niet meer interessant voor deze maatschappij. Ik breng vrouwen nog mannen meer in vervoering, kan hem al jaren niet meer recht krijgen. Ik kan ook geen gezelschap meer entertainen zoals vroeger maar al te goed het geval was. Mijn stem is gebroken. Ik ben gebroken. Met alles wat daarbj hoort. De doofheid, de wandelstok, de hangballen en de slechtzittende valse tanden. Eén wijntje uit mijn illegale kelder en ik ben dronken. Eén snuifje illegale stuff en ik ben zo high al een garnaal. Met gigantische katers achteraf.
Laat je dus maar niks wijsmaken: oud worden is echt niet leuk. Je wint aan wijsheid, dat klopt, ja, maar er is niemand die erin geïnteresseerd is dus wat heb je eraan? Nu ik eindelijk denk het leven een beetje te begrijpen, moet ik gaan.
De derde beurscrash is bezig, de derde wereldoorlog net achter de rug. Ik heb het kwaad van nabij gezien. Ben er meer dan eens door verleid geweest. Ik heb steeds gevochten tegen de aantrekkingskracht van de makkelijke weg, de zieke weg, de manipulatie, het grote Egoïsme. Ik doorzie nu de gezichten, weet precies wanneer iemand écht is, herken onmiddellijk de tekenen van het Kwaad. Jammer, doodjammer dat ik dat allemaal niet vroeger heb ingezien.
Ik ben klaar om te gaan. En ik ben niet beschaamd om te zeggen dat ik bang ban van het grote Niets, van het sterven. Ben ik dan niet dankbaar dat ik het meer dan een eeuw heb mogen uithouden op deze ooit zo blauwe planeet? Neen, zelfs dat niet. Ik heb teveel mensen moeten begraven.
En toch, en toch. Toch hecht ik nog waanzinnig aan het leven. Ik mijn kinderen zien geboren worden uit de schoot van mijn vrouw. Ik heb zo weinig moglijk levens vernietigd. Nu is het mijn beurt om te gaan. Doodgaan is niet de zwaarste straf. Alleen doodgaan is dat wel.
Maar ik hoop. Hoop tegen beter weten in. Ik hoop namelijk dat ik een groot sterrenstofje zal zijn zodat is samen met mijn liefsten aan de hemel schijn. Zodat onder ons alziend oog andere vaders fantastische vader-dochtergesprekken kunnen voeren.